De schoolstrijd van 1878-84 sloeg in Lichtervelde, net als in vele andere gemeenten, diepe wonden en veroorzaakte een politieke verdeeldheid die zich zelfs tot op de dag van vandaag nog enigszins laat voelen en waardoor Lichtervelde op politiek vlak eerder een kwalijke reputatie verwierf.
In 1878 werd de oude romaanse kerk afgebroken en vervangen door een neo-gothische die tijdens de eerste wereldoorlog gedynamiteerd werd door de Duitsers. Als gevolg van deze bomaanslag verdween de huizenrij die voor de kerk stond.
Ook het belangrijke station van Lichtervelde werd zwaar beschadigd door bombardementen. Bij nog andere bombardementen viel een groot aantal burgerslachtoffers.
Ook tijdens de tweede wereldoorlog bleef Lichtervelde niet gespaard.
Een groot aantal Lichterveldenaars werd gedeporteerd en dertien ervan, waaronder burgemeester Eugéne Callewaert, werden zelfs onthoofd in Wolfenbüttel.
Ter nagedachtenis van de slachtoffers van beide wereldoorlogen werd een monument opgericht vlak voor de kerk met als centrale figuur het H. Hart van Jezus.
In 1913 werd de Markstraat aangelegd waardoor het doorgaand verkeer niet langer via het Gildhofplein en de Neerstraat, Lichtervelde moest doorkruisen.
In 1933 werd de huizengroep "Het Eiland" onteigend om er de Astridlaan door te trekken waardoor het steeds drukker doorgaand verkeer ook niet meer langs de Markt moest passeren.
Het eeuwenoude Gildhofplein verdween hierdoor.