Schadevergoeding bij een landbouwramp

Er is een verschil tussen een algemene natuurramp en een landbouwramp. In beide gevallen moet de ramp erkend zijn door de Vlaamse Regering om van een erkende natuurramp of erkende landbouwramp te kunnen spreken.

  • Een algemene natuurramp is een ramp waarbij er niet alleen schade is aan landbouwgewassen. Men spreekt dus over een natuurramp als landbouwers én ook andere burgers getroffen zijn. Voor erkende algemene natuurrampen die plaatsvonden na 1 juli 2014 is er schadevergoeding mogelijk (voor burgers én landbouwers) via het Vlaams Rampenfonds.
  • Een landbouwramp is een ramp waarbij er alleen schade is aan landbouwteelten. In dat geval, als het dus geen algemene natuurramp is, behandelt het landbouwrampenfonds de aanvragen voor schadevergoeding.

Voorwaarden

Een ramp kan door de Vlaamse Regering erkend worden als landbouwramp als er aanzienlijke schade is van landbouwgronden, -teelten of -oogsten als gevolg van

  • een natuurverschijnsel (regenval, droogte, wind, ...) met een uitzonderlijk karakter
  • of een massale en onvoorzienbare plaag van schadelijke organismen.

Voor de erkenning van een landbouwramp moet voldaan zijn een aantal voorwaarden, zoals een totaal schadebedrag van meer dan 1,24 miljoen euro en een frequentie van maximaal 1 keer op 20 jaar.

Hagelschade komt niet in aanmerking voor vergoedingen uit het landbouwrampenfonds omdat hagel verzekerbaar is.

Procedure

Vaststelling van de schade

  • Verzamel bewijsmateriaal van de schade.
  • Vaststellingen door een schattingscommissie om de geleden schade te beschrijven en te schatten:
    • U kunt een bezoek van de schattingscommissie aanvragen bij de gemeente (t.a.v. de burgemeester) waarin uw grond gelegen is. Dat doet u het best schriftelijk. Geef in de aanvraag al zoveel mogelijk informatie mee (uit de verzamelaanvraag, welke percelen getroffen zijn en de grootte, getroffen gewassen, schadepercentage per perceel …).
    • De schattingscommissie moet de geleden schade in twee stappen vaststellen: een eerste keer zeer kort na het klimatologische evenement dat de schade veroorzaakte en een tweede keer zo kort mogelijk voor de oogst.
      Bij een nulopbrengst en totale vernietiging van de oogst is een tweede vaststelling niet nodig en wordt dat ook zo in de processen-verbaal (pv's) van de schattingscommissie vermeld.

Erkenning als landbouwramp

  • Bij een natuurramp is het de taak van de getroffen gemeente om daar zoveel mogelijk gegevens over te verzamelen. De gemeente zal die informatie dan bezorgen aan de provinciale buitendienst van het Departement Landbouw en Visserij, die op zijn beurt de erkenning als landbouwramp zal vragen aan de Vlaamse Regering.
  • Het Departement Landbouw en Visserij verzamelt alle wetenschappelijke en financiële informatie die nodig is en maakt een voorstel tot erkenning of niet-erkenning. De minister van Landbouw legt dat vervolgens aan de Vlaamse Regering voor. Als een natuurverschijnsel effectief als uitzonderlijk beschouwd wordt, komt het voorstel voor de Vlaamse Regering, die dan beslist over de erkenning.
  • Daarna volgt de publicatie in het Belgisch Staatsblad. Pas na de publicatie in het Staatsblad is er officieel sprake van een erkende landbouwramp.

Schadevergoeding aanvragen

Als de landbouwramp officieel erkend werd, dan hebt u 3 maanden de tijd (vanaf de maand die volgt op de publicatie in het Belgisch Staatsblad) om uw tegemoetkomingsaanvraag in te dienen bij de provinciale buitendienst van het Departement Landbouw en Visserij. Die laatste behandelt de dossiers. Het formulier voor de tegemoetkomingsaanvraag (formulier D) vindt u terug via de website.

Op de website van Landbouw & Visserij vindt u alle details over de schadevergoeding voor een landbouwramp. U kunt ook terecht bij de provinciale buitendiensten van de afdeling Inkomenssteun.

Regelgeving

Het landbouwrampenfonds is sinds de zesde staatshervorming een bevoegdheid van de Vlaamse overheid. Op Vlaams niveau wordt de huidige wetgeving over het landbouwrampenfonds in de eerste fase onveranderd overgenomen. Tot zolang blijft de huidige federale en Europese regelgeving over landbouwschade en staatssteun van toepassing. Voor de verdeling van de verantwoordelijkheden tussen de gewesten wordt het territorialiteitsbeginsel in acht genomen. Dat betekent dat Vlaanderen verantwoordelijk is voor:

  • de erkenning van landbouwrampen die zich voordoen op het Vlaamse grondgebied,
  • de afhandeling van de schadedossiers en de uitbetaling van de eventuele schadevergoedingen voor percelen gelegen op zijn grondgebied.

Uitzonderingen

Weersverzekering voor landbouwers

Als een ramp niet wordt erkend als natuurramp of landbouwramp, komt het betrokken rampenfonds niet tussen. Landbouwers kunnen hun teelten wel nog verzekeren tegen hagel, storm, hevige of overvloedige regen, ernstige droogte, vorst en ijs. Verzekeraars kunnen geleden teeltschade vergoeden als die minstens 20% bedraagt ten opzichte van de gemiddelde opbrengst in de voorafgaande jaren.

Vanaf 1 januari 2020 kunnen landbouwers die een brede weersverzekering sluiten tot 65% van de verzekeringspremie terugbetaald krijgen. De terugbetaling kan aangevraagd worden voor alle verzekerde open teelten op Vlaamse landbouwgrond.

Tot eind juni 2019 kunnen verzekeraars hun polis ‘brede weersverzekering’ laten erkennen door het Departement Landbouw en Visserij. Die erkenning garandeert de landbouwers dat het verzekeringsproduct in kwestie aan alle subsidievoorwaarden voldoet. Uiterlijk op 30 september 2019 zullen alle erkende verzekeringsproducten voor het jaar 2020 bekend zijn.